Fabeltjes en misvattingen
Door Catherine Marschilok, M.S.N., C.D.E., door het bestuur bevoegd voor gevorderd diabetesbeheer.
Wij zijn ons er allemaal van bewust dat een diagnose met type 1 diabetes zwaar kan zijn voor een gezin omdat de gezinsleden om moeten leren gaan met de veranderingen in het dagelijks leven. Hoewel buitenstaanders betrokken kunnen zijn, komt het nog steeds te vaak voor dat een gebrek aan kennis is. Denk aan vragen als “Wanneer groeit ze er overheen?” Het kan frustrerend zijn om steeds uit te moeten leggen wat voor strijd er dag in dag uit geleverd moet worden, en dat kan worden verergerd doordat ook met de misvattingen en misverstanden van anderen om moet worden gegaan. Een voorbeeld van zo’n veelvoorkomende misvatting is het wijdverspreide idee dat type 1 diabetes geen ernstige ziekte is. Hieronder wordt een aantal fabeltjes ontkracht.
Fabel: Het gebruik van insuline geneest diabetes.
Feit: Het gebruik van insuline houdt mensen met type 1 diabetes in leven, maar geneest de ziekte niet. Hoewel er zeker aanzienlijke vooruitgang is in de ontwikkeling van een geneesmethode, is er echt nog steeds geen geneesmiddel.
Fabel: Diabetes wordt veroorzaakt door overgewicht of de inname van teveel suiker.
Feit: Overgewicht speelt geen rol in de ontwikkeling van type 1 diabetes. Wetenschappers weten nog niet precies waardoor type 1 diabetes wordt veroorzaakt, maar ze vermoeden dat genetische en omgevingsfactoren een rol spelen. Teveel suiker eten speelt geen rol. (Overgewicht is wel geïdentificeerd als een van de aanleidingen van type 2 diabetes.)
Fabel: Iemand met type 1 diabetes kan zijn bloedsuikerspiegel eenvoudig onder controle krijgen door zich te houden aan een strenge routine op het gebied van voeding en lichaamsbeweging, in combinatie met insuline-injecties en het nauwkeurig bijhouden van de bloedsuikers.
Feit: Ook al is de bovengenoemde strategie de meest effectieve manier om bloedsuikers nauwkeurig onder controle te houden, is optimale beheersing voor sommige patiënten moeilijk te realiseren. Er zijn veel factoren, zoals stress, hormoonschommelingen, groeispurts en ziekte, waardoor de bloedsuikerspiegel op hol kan slaan. Vooral tieners zijn vatbaar voor dit probleem omdat hun lichaam tijdens de puberteit veel veranderingen ondergaat. Bovendien ondervinden sommige mensen met type 1 nog steeds grote schommelingen van de bloedsuikerspiegel, ondanks dat zij streven naar een strenge beheersing, en een voedingsplan en insulineschema volgen. Deze schommelingen zijn niet te wijten aan de diabetespatiënt.
Fabel: Mensen met diabetes mogen geen zoetigheid.
Feit: Door minder zoetigheid te eten, kunnen mensen met diabetes hun bloedsuiker beter onder controle houden – maar onder begeleiding van een dokter of voedingsdeskundige kan zoetigheid zeker deel uitmaken van het voedingsplan, net als bij mensen zonder diabetes. En het kan voorkomen dat zoetigheid van levensbelang is. Als de bloedsuikerspiegel namelijk te laag wordt, is zoetigheid (of sap, of frisdrank) de beste manier om deze weer te laten stijgen en een hypo (hypoglykemie) te voorkomen.
Fabel: Mensen met diabetes mogen niet sporten.
Feit: Lichaamsbeweging is voor iedereen belangrijk en vooral voor mensen met diabetes. Regelmatige lichaamsbeweging helpt om de bloedsuikerspiegel te verlagen en deze binnen het doelbereik te houden. Er zijn talloze voorbeelden van succesvolle atleten met diabetes, zoals volleyballer Bas van der Goor en wielrenner Martijn Verschoor.
Fabel: Alleen kinderen kunnen type 1 diabetes krijgen.
Feit: Type 1 diabetes, ook wel bekend als ‘juveniele’ of ‘jeugddiabetes’, wordt meestal bij kinderen, tieners of jongvolwassenen geconstateerd. Het kan echter op elke leeftijd optreden.
Fabel: Kinderen kunnen geen type 2 diabetes krijgen.
Feit: Type 2 diabetes komt voornamelijk voor bij volwassenen. Toegenomen overgewicht en andere factoren hebben de laatste tijd echter tot een ‘epidemie’ geleid van deze vorm van diabetes bij jongvolwassenen en kinderen jonger dan tien jaar. Bij de meeste kinderen met diabetes wordt echter type 1 geconstateerd.
Fabel: Vrouwen met diabetes mogen niet in verwachting raken.
Feit: Dankzij vorderingen in het onderzoek naar diabetes zijn de vooruitzichten voor zwangere vrouwen met diabetes tegenwoordig veel beter dan bij de vorige generatie. Zwangerschap bij diabetici vergt echter extra veel moeite en toewijding, uitstekende beheersing van de bloedsuikerspiegel en bekwaamheid op alle gebieden van diabetesbeheer.
Fabel: Iemand die jaren diabetes heeft, krijgt uiteindelijk, hoe dan ook, complicaties.
Feit: Complicaties zijn niet onvermijdelijk. Het is nog steeds niet helemaal duidelijk waardoor complicaties worden veroorzaakt, en hoe ze zich ontwikkelen is voor iedereen anders. Nauwkeurige beheersing van de bloedsuikerspiegel is de enige methode waarvan bewezen is dat deze het risico op complicaties vermindert, maar het blijft per persoon onvoorspelbaar of er complicaties zullen optreden. Sommige mensen met type 1 diabetes kunnen een genetische aanleg hebben voor de ontwikkeling van complicaties (dit is een van de belangrijke vraagstukken waar het onderzoek van JDRF zich op richt).
